Het roken van cannabis tast de motivatie van mensen slechts tijdelijk aan

motivatie en wiet

Het roken van cannabis tast de motivatie van mensen om te werken slechts tijdelijk aan, zo blijkt uit een nieuwe studie. 

Als mensen wiet hebben gerookt, zijn ze minder geneigd om hard te werken voor een beloning.

Maar wanneer verstokte cannabisgebruikers nuchter zijn, vertonen ze gemiddeld evenveel motivatie om te werken als mensen die nooit wiet roken. Dat melden Britse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Psychopharmacology. 

De wetenschappers van het University College in Londen kwamen tot hun bevindingen door een experiment waarbij 57 proefpersonen werden getest op hun bereidheid om te werken voor geld. Ze kregen de keuze tussen een eenvoudige en een meer intensieve taak.

Bij de eenvoudige taak moesten ze binnen zeven seconden dertig keer op de spatiebalk van een computer drukken om zestig eurocent te verdienen. Als ze kozen voor de lastige taak, moesten ze binnen twintig seconden meer dan honderd keer op de toets tikken om 2,35 euro te ontvangen.   

Een deel van proefpersonen inhaleerde vlak voor het experiment cannabisrook uit een ballonnetje, zodat ze enigszins high werden. Uit het onderzoek bleek dat deze cannabisrokers over het algemeen vaker kozen voor de taak waarbij ze minder hard hoefden te werken.

Aan het experiment deden echter ook verstokte cannabisgebruikers mee die al enkele dagen niet hadden gerookt. Zij kozen niet vaker voor de eenvoudige taak. Ze bleken even gemotiveerd om hard te werken als proefpersonen die nooit marihuana hadden gebruikt.

Volgens hoofdonderzoeker Will Lawn suggereert de studie dat het gebruik van cannabis geen blijvende effecten heeft op de motivatie van mensen. “Soms wordt verondersteld dat cannabisgebruikers op de lange termijn ook problemen krijgen met hun motivatie als ze nuchter zijn”, verklaart hij in de Britse krant The Independent. “Ons onderzoek suggereert dat dat niet zo is.”

Lawn is van plan in de toekomst meer onderzoek te gaan doen naar de effecten van cannabis op het arbeidsethos van mensen. “Dit experiment moet worden herhaald met meer proefpersonen voordat we definitieve conclusies kunnen trekken over het effect van cannabis.”

Cannabis en het ontwikkelen van angst en depressie

wiet en depressie

Onderzoekers hebben geen link gevonden tussen het gebruik van cannabis en het ontwikkelen van angst en depressies. De drug zorgt wel voor een toenemende kans op het ontwikkelen van andere verslavingen.

Wetenschappers van de Columbia University in New York onderzochten 35.000 Amerikanen, schrijft The Telegraph. 

In een periode van drie jaar werd gekeken naar het gebruik van marihuana onder de respondenten en de mogelijke link met de ontwikkeling van geestelijke problemen. De studie werd gepubliceerd in het wetenschappelijke blad JAMA Psychiatry.

Er werd geen connectie gevonden tussen de ontwikkeling van angst en depressie. Uit het onderzoek kwam wel naar voren dat respondenten die cannabis gebruikten sneller afhankelijk zijn van andere middelen, zoals alcohol en roken. 

Gebruikers van de drug hadden drie keer meer kans om problemen met alcohol te ontwikkelen, ook ontstond twee keer zo vaak een rookverslaving.

Cannabis wordt steeds vaker gebruikt in de Verenigde Staten, doordat meer staten de drug legaliseren. In Nederland geldt er een gedoogbeleid voor het gebruik van cannabis.

Het roken van cannabis versterkt mogelijk het geurvermogen bij mensen

geurvermogen-en-wiet

Het roken van cannabis versterkt mogelijk het geurvermogen bij mensen, zo blijkt uit nieuw wetenschappelijk onderzoek. 

De drug activeert vermoedelijk belangrijke processen in zenuwcellen die signalen versturen tussen het reukcentrum van het brein en de hersenschors.

Daardoor worden geursignalen versterkt en treedt er een hongergevoel op.

Dat melden Franse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Nature Neuroscience.

THC

De wetenschappers verrichten onderzoek naar THC, het actieve ingrediënt van cannabis dat zich bindt aan specifieke receptoren (eiwitten waaraan moleculen zich kunnen binden) in het brein. 

Het is al langer bekend dat de binding van deze stof ervoor zorgt dat mensen een hongergevoel krijgen.

Om vast te stellen welke rol het geurvermogen in dat proces speelt, kweekten de wetenschappers enkele genetisch gemanipuleerde muizen. Bij deze dieren konden ze de THC-gevoelige receptoren in het reukcentrum van het brein aan- en uitzetten. 

Reukcentrum

Een specifieke groep zenuwcellen die vanuit het reukcentrum boodschappen naar de hersenschors verstuurt, bleek erg belangrijk voor het ontstaan van het hongergevoel bij muizen.

Als THC-gevoelige receptoren in deze cellen werden uitgeschakeld, aten uitgehongerde muizen niet meer dan hun goed doorvoede soortgenoten. Wanneer de receptoren wel hun werk deden, ontwikkelden de muizen wel een normaal hongergevoel als ze ondervoed raakten.

Toen de wetenschappers de cellen in het reukcentrum vervolgens ook nog blootstelden aan THC kregen hongerige muizen nog meer honger dan ze al hadden. Ook reageerden de dieren door de cannabis sterker op voedselgeuren dan dieren die niet waren blootgesteld aan het actieve bestanddeel van cannabis.

Eten   

Volgens de wetenschappers suggereert het experiment dat cannabisgevoelige receptoren in het reukcentrum van het brein waarschijnlijk ook bij mensen een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van hongergevoel.  

Overgevoelige reacties van deze receptoren zijn mogelijk niet alleen verantwoordelijk voor het hongergevoel na het gebruik van cannabis, maar ook voor andere aandoeningen waarbij mensen te vaak en te veel eten.

De onderzoekers hopen ooit een soort neusspray te ontwikkelen waarmee het reukcentrum van het brein kan worden behandeld tegen overactiviteit.  “Als je te veel eet, staat het reuksysteem in de hersenen misschien gewoon in een te hoge stand”, verklaart hoofdonderzoeker Jaideep Bains op nieuwssite New Scientist. 
[08:47, 3-1-2019] Jonnhy 2016: Onderzoekers hebben geen link gevonden tussen het gebruik van cannabis en het ontwikkelen van angst en depressies. De drug zorgt wel voor een toenemende kans op het ontwikkelen van andere verslavingen.

Wetenschappers van de Columbia University in New York onderzochten 35.000 Amerikanen, schrijft The Telegraph. 

In een periode van drie jaar werd gekeken naar het gebruik van marihuana onder de respondenten en de mogelijke link met de ontwikkeling van geestelijke problemen. De studie werd gepubliceerd in het wetenschappelijke blad JAMA Psychiatry.

Er werd geen connectie gevonden tussen de ontwikkeling van angst en depressie. Uit het onderzoek kwam wel naar voren dat respondenten die cannabis gebruikten sneller afhankelijk zijn van andere middelen, zoals alcohol en roken. 

Gebruikers van de drug hadden drie keer meer kans om problemen met alcohol te ontwikkelen, ook ontstond twee keer zo vaak een rookverslaving.

Cannabis wordt steeds vaker gebruikt in de Verenigde Staten, doordat meer staten de drug legaliseren. In Nederland geldt er een gedoogbeleid voor het gebruik van cannabis.
[08:47, 3-1-2019] Jonnhy 2016: Het roken van cannabis tast de motivatie van mensen om te werken slechts tijdelijk aan, zo blijkt uit een nieuwe studie. 

Als mensen wiet hebben gerookt, zijn ze minder geneigd om hard te werken voor een beloning.

Maar wanneer verstokte cannabisgebruikers nuchter zijn, vertonen ze gemiddeld evenveel motivatie om te werken als mensen die nooit wiet roken. Dat melden Britse onderzoekers in het wetenschappelijk tijdschrift Psychopharmacology. 

De wetenschappers van het University College in Londen kwamen tot hun bevindingen door een experiment waarbij 57 proefpersonen werden getest op hun bereidheid om te werken voor geld. Ze kregen de keuze tussen een eenvoudige en een meer intensieve taak.

Bij de eenvoudige taak moesten ze binnen zeven seconden dertig keer op de spatiebalk van een computer drukken om zestig eurocent te verdienen. Als ze kozen voor de lastige taak, moesten ze binnen twintig seconden meer dan honderd keer op de toets tikken om 2,35 euro te ontvangen.   

Een deel van proefpersonen inhaleerde vlak voor het experiment cannabisrook uit een ballonnetje, zodat ze enigszins high werden. Uit het onderzoek bleek dat deze cannabisrokers over het algemeen vaker kozen voor de taak waarbij ze minder hard hoefden te werken.

Blijvend

Aan het experiment deden echter ook verstokte cannabisgebruikers mee die al enkele dagen niet hadden gerookt. Zij kozen niet vaker voor de eenvoudige taak. Ze bleken even gemotiveerd om hard te werken als proefpersonen die nooit marihuana hadden gebruikt.

Volgens hoofdonderzoeker Will Lawn suggereert de studie dat het gebruik van cannabis geen blijvende effecten heeft op de motivatie van mensen. “Soms wordt verondersteld dat cannabisgebruikers op de lange termijn ook problemen krijgen met hun motivatie als ze nuchter zijn”, verklaart hij in de Britse krant The Independent. “Ons onderzoek suggereert dat dat niet zo is.”

Lawn is van plan in de toekomst meer onderzoek te gaan doen naar de effecten van cannabis op het arbeidsethos van mensen. “Dit experiment moet worden herhaald met meer proefpersonen voordat we definitieve conclusies kunnen trekken over het effect van cannabis.”

35 genen bepalen hoe waarschijnlijk het is dat iemand wiet gaat roken

wiet-roken

35 genen bepalen hoe waarschijnlijk het is dat iemand wiet gaat roken. Een deel van deze genen bepaalt ook of iemand gaat roken of een ziekte als schizofrenie ontwikkelt. 

Dat blijkt uit een onderzoek van de Radboud Universiteit, de universiteit van Virginia en het Australische onderzoeksbureau QIMR Berghofer, dat is gepubliceerd in Nature Neuroscience.

De onderzoekers hebben de genen van 180.000 mensen onderzocht. Uit de miljoenen gencombinaties die de onderzoekers hebben gezien, zijn dus 35 genen naar voren gekomen die invloed hebben op de kans dat iemand wiet gaat gebruiken.

Toch zijn er ook andere factoren die invloed hebben op wietgebruik. De onderzoekers noemen dat de sociale omgeving ook belangrijk is voor de kans dat iemand wiet gaat roken.

Dezelfde genen zorgen voor mentale stoornissen

Een deel van dezelfde genen die de kans op wietgebruik beïnvloeden, zorgen er ook voor dat iemand alcohol of tabak gaat gebruiken. Datzelfde geldt volgens de onderzoekers ook voor het ontwikkelen van mentale stoornissen en bijvoorbeeld risicovol gedrag.

In het onderzoek is een nieuwe techniek gebruikt, om verbanden tussen mentale stoornissen en het gebruiken van wiet in kaart te kunnen brengen.

Schizofrenie is een van de stoornissen die onderzocht. De link tussen wietgebruik en schizofrenie was volgens de onderzoekers altijd al aanwezig, maar het was niet duidelijk hoe het elkaar beïnvloedde. Uit dit onderzoek blijkt dat de genen die het waarschijnlijker maken dat iemand wiet gaat roken, ook schizofrenie ontwikkelen. 

Volgens de onderzoekers roken mensen met schizofrenie vaker wiet, omdat ze er kalm van worden en zo hun angstaanvallen in bedwang kunnen houden. De onderzoekers hebben niet kunnen vaststellen dat wietgebruik schizofrenie veroorzaakt.

Mensen die regelmatig wiet roken, zouden vaker seks hebben dan mensen die geen wiet gebruiken

meer sex van wiet

Onderzoekers van de Stanford University School of Medicine bekeken hiervoor gegevens van 50.000 Amerikanen in de leeftijd 25 tot 45 jaar, afkomstig uit een nationaal onderzoek. De resultaten werden gepubliceerd in Journal of Sexual Medicine.

De onderzoeksdeelnemers moesten aangeven hoe vaak zij seks hadden gehad in de laatste vier weken en ook hoe vaak ze marihuana hebben gerookt in het afgelopen jaar.

Vrouwen die de drug dagelijks gebruiken, hadden gemiddeld 7,1 keer seks in de afgelopen vier weken. Seksegenoten die geen marihuana roken, kwamen uit op een gemiddelde van zes keer geslachtsgemeenschap.

Bij mannen werd door de onderzoekers een soortgelijk verschil aangetroffen. Mannen die dagelijks marihuana roken hadden gemiddeld 6,9 keer seks, in vergelijking met 5,6 keer in de groep niet-gebruikers.

Hiermee kan, op basis van de gegevens van de 50.000 Amerikanen, worden geconcludeerd dat marihuanagebruikers 20 keer procent meer seks hebben dan personen die de drug niet roken, melden de onderzoekers.

In Nederland rookt 1,2 procent van de achttienplussers dagelijks wiet, blijkt uit cijfers van Jellinek. 21,1 procent heeft de drug weleens gebruikt en 4,2 procent geeft aan het een of meerdere malen in de afgelopen maand te hebben gebruikt.

Show Buttons
Hide Buttons